Met Up & Go naar Mister Indian Tony Leenes In Lemmer.
Hallo allemaal, ik wil me even voorstellen. Mijn naam is Olaf Klomp, zoon van Ferry Klomp en dus stroomt er 95 ongelood gemixt met het motorvirus door mijn aderen.
Eindelijk kan ik op donderdag 15 mei mijn motorrijbewijs ophalen en de volgende avond ga ik met mijn pa onze Kawasaki 250 ophalen die in Almere bij een kennis gestald is. Altijd na een lange periode van stilstand is de Kawa heel moeilijk aan de praat te krijgen, maar bij het wegzetten zag mijn vader dat er een stekkerverbinding een beetje gaar was. Dus toen de motor buiten stond heb ik een nieuwe verbinding gemaakt en mijn pa verving het membraan van de CV carburateur die gescheurd was, waardoor de motor niet meer boven de zestig kwam. Accu in zijn bakje, kabels aangesloten, altijd eerst de plus, één druk op de startknop en lopen als een naaimachientje. Binnendoor naar Lelystad en wat een heerlijk gevoel om zonder dat oortje te rijden en niet meer de stem van de instructeur te horen.”Denk om die put, je richtingaanwijzer, bij de volgende kruising rechtsaf”.
Zondag morgen half negen, amper zes uur geslapen, klopt mijn vader op de deur, “Olaf, we moeten over een uurtje bij Nico zijn en ook nog even tanken”. Ik kan nauwelijks mijn ogen open krijgen, maar beloofd is beloofd en een Biker is geen zaiker. Met twee volle tanks draaien we even na half tien bij Nico de parkeerplaats op, wij zijn nummer vijf en zes. Eerst de traditionele koffie en om tien uur zitten we allemaal op de motor om lekker binnendoor naar Lemmer te rijden.
Via de Flevocentrale, de Ketelbrug, Tollebeek, Espel, Creil en Rutten gaat het richting Friesland. Mijn vader rijdt op kop en ik mag als tweede man proberen om hem bij te houden. Eerst lukt dat maar matig, maar als ik de motor beter leer kennen kan ik lekker bijblijven.
Als we bij het Indianmuseum aankomen blijkt dat we geluk hebben. Tien minuten later en Tony was gevlogen, maar voor ons doet hij de deuren van zijn museum toch open. Als er ergens op de wereld iets gemaakt is waarop het woord Indian staat dan heeft Tony dat in zijn verzameling. Motoren, naaimachines, kettingzagen, sigaren, drank, spelletjes en bouwpaketten. De motoren zijn natuurlijk het mooist en Tony heeft bij iedere fiets wel een verhaal. Je moet gewoon eens een keer gaan kijken en tussen Kerst en nieuwjaar is hij altijd open. Lekker om midden in de winter even het motorgevoel op te snuiven.
De mannen krijgen honger en mijn vader weet via kleine weggetjes een simpel eettentje. Daar gaan de broodjes kroket en de bakken friet snel naar binnen.
Op de terugweg stoppen we nog even in de haven van Urk om afscheid te nemen. Als Nico op de startknop van zijn Guzzi drukt gebeurt er helemaal niets.
Hiep hiep hoera er is weer wat te sleutelen. Al snel blijkt dat een zekering kapot is en als deze vervangen is dan volgt na het drukken op de startknop een diep gerommel uit de uitlaten van de Guzzi. Mooi Nico kan weer rijden.
Als we weer thuis zijn heb ik wel het gevoel iets gepresteerd te hebben, veel meer dan dat ik dit ritje met de auto gemaakt zou hebben.
Het was een leuke dag en die oude knakkers zijn best snel én gezellig.
Groeten, Olaf